Deel 1: hoeveel
De GHOR (Geneeskundige Hulpverleningsorganisatie in de Regio) adviseert de gemeente over de medische inzet bij evenementen. Daarvoor gebruikt zij de Landelijke Handreiking Geneeskundige Advisering Publieksevenementen (LHGAP). De vuistregel die daaruit in de meeste gemeentelijke beleidsregels terechtkomt:
- 1 gecertificeerde EHBO'er per 1.000 gelijktijdig aanwezige bezoekers, met een minimum van 2. Sommige regio's rekenen met 2 per 1.000; check het evenementenbeleid van je gemeente.
- Een EHBO-post vanaf 1.000 bezoekers, permanent bezet, met één EHBO'er die tevens aanspreekpunt is voor de hulpdiensten.
- Beneden de 200 bezoekers beslist de organisator zelf of EHBO nodig is, vanuit "verantwoord gastheerschap".
- Een AED wordt in de praktijk standaard verwacht.
Die vuistregel geldt voor evenementen zonder bijzonderheden. Zijn er verzwarende factoren, dan geeft de GHOR een maatadvies in plaats van de standaardregel. Verzwarende factoren zijn onder meer alcohol- en drugsgebruik, hoge fysieke inspanning (hardloopwedstrijden, obstacle runs), een kwetsbare doelgroep, extreme temperaturen, een slecht bereikbaar terrein en grote afstand tot ziekenhuis of ambulancepost. Bij een B- of C-evenement is een maatadvies eerder regel dan uitzondering.
Het aantal alleen zegt dus weinig. Twee EHBO'ers op een braderie met 1.500 bezoekers is prima; twee EHBO'ers op een dance-avond met 1.500 bezoekers is dat niet, ook al is het getal hetzelfde.
Deel 2: wat voor zorg
Hier komt de Veldnorm Evenementenzorg (VNEZ) in beeld. Die is opgesteld door artsen, ambulanceverpleegkundigen en de GHOR en beschrijft de randvoorwaarden voor goede zorg op evenementen. De Veldnorm gaat niet over aantallen, maar over niveaus, bevoegdheden, organisatie en registratie. Gemeenten en veiligheidsregio's verwijzen er inmiddels standaard naar.
Zes zorgniveaus
De Veldnorm onderscheidt zes zorgniveaus, oplopend in complexiteit. Welke je nodig hebt volgt uit de risicoanalyse in je vergunningaanvraag, en ze kunnen naast elkaar worden ingezet.
- Basis Eerste Hulp: gediplomeerde EHBO'ers, voor evenementen met een laag risico. Geen risicovolle handelingen, geen metingen.
- Evenementen Eerste Hulp: EHBO'ers met aanvullende scholing in methodisch handelen, samenwerking en communicatie, voor middel tot hoog risico. Metingen alleen onder eindverantwoordelijkheid van een zorgprofessional.
- Basiszorg: verpleegkundigen (BIG-geregistreerd) die zorg prioriteren en meten en interpreteren: saturatie, bloeddruk, glucose, temperatuur.
- Spoedzorg: SEH- en IC-verpleegkundigen en vergelijkbare professionals die spoedzorg starten in afwachting van de ambulance: infuus, luchtwegmanagement, medicatie volgens protocol.
- Specialistische Spoedzorg: ambulanceverpleegkundigen en vergelijkbaar, op het niveau van de reguliere ambulancezorg.
- Medische zorg: artsen, als maatwerk.
Twee dingen die in de praktijk vaak misgaan. Een BHV-certificaat is volgens de Veldnorm niet voldoende om als evenementenzorgverlener te werken; een BHV'er mag wel de reguliere bedrijfshulpverlening op de locatie doen. En een evenementenzorgvoertuig mag niet "ambulance" heten, geen ambulancestriping voeren en geen blauw zwaailicht hebben, tenzij het onder de regionale ambulancedienst rijdt.
Eerste hulp of medisch
De organisatie die de zorg levert heet in de Veldnorm een evenementenzorgorganisatie (EZO). Levert die alleen niveau 1 en 2, dan is het een EZO Eerste Hulp. Zet zij ook zorgprofessionals in (niveau 3 tot 6), dan is het een EZO Medisch, en gelden er extra eisen: een medisch eindverantwoordelijke (MME), schriftelijk vastgelegde bevoegdheden, en ketenafspraken met ambulancedienst, spoedeisende hulp en huisartsenpost.
Wanneer een zorgplan verplicht is
Bij een EZO Medisch is een zorgplan altijd verplicht. Bij een EZO Eerste Hulp is het verplicht zodra er tien of meer hulpverleners worden ingezet, en dan is ook een inzetcoördinator vereist: herkenbaar, aangesteld door de EZO, en verantwoordelijk voor de aansturing. Die coördinator hoeft zelf geen zorgprofessional te zijn.
Het zorgplan is onderdeel van je veiligheidsplan. De organisator levert de risicoanalyse aan, de EZO schrijft de operationele afspraken, en de organisator blijft eindverantwoordelijk voor het geheel. Minimaal moet erin staan:
- naam, locatie, datum en tijden van het evenement;
- type evenement, verwachte bezoekersaantallen, aard van de bezoekers en van het terrein;
- contactgegevens van de EZO en van de organisator, ook tijdens het evenement;
- verwachte zorgvragen en risico's;
- het aantal zorgverleners, gespecificeerd per zorgniveau;
- contactgegevens van de inzetcoördinator.
Bij een verhoogd risico komen daar afspraken bij over communicatie met organisatie, beveiliging en meldkamer, aanrijroutes en overslagpunten voor de ambulance, transport van slachtoffers over het terrein, een opschalingsplan en nazorg na een ernstig incident.
Waar de post aan moet voldoen
De Veldnorm stelt ook eisen aan de fysieke plek. Voor een kleine inzet (laag risico, maximaal vier EHBO'ers) volstaat een EHBO-ruimte: herkenbaar, schoon, verlicht, met privacy en minimaal twee zitplaatsen, en bij voorkeur niet naast het podium. Voor een EHBO-post gelden meer eisen: minimaal 3 bij 3 meter, een stevige vlakke ondergrond, stroom, drinkwater, handenwasgelegenheid, toegankelijk voor rolstoel en brancard, toiletten in de buurt, verlichting in de avond, en afsluitbaar of onder toezicht. Zet je professionals in, dan spreek je van een medische post met weer aanvullende eisen.
De plek van de post hoort op de plattegrond, net als de route waarlangs een ambulance het terrein op en af kan.
Registreren en rapporteren
Elke zorgvraag wordt geregistreerd, via een turflijst voor kleine zorgvragen en een zorgcontactformulier voor het overige. Na afloop maakt de EZO een evenementrapportage, en die gaat naar de organisator en de GHOR. Veel gemeenten vragen dat overzicht expliciet op. Het is ook de onderbouwing voor de inzet van volgend jaar.
Twee voorbeelden
Braderie, 2.500 bezoekers verspreid over de dag, geen alcohol van betekenis, alle leeftijden. Vuistregel: 2 tot 3 EHBO'ers op niveau Basis Eerste Hulp, een EHBO-post, een AED. EZO Eerste Hulp, minder dan tien mensen: geen zorgplan verplicht, wel verstandig om de afspraken vast te leggen. Een A-evenement, en de GHOR zal meestal met de standaardregel volstaan.
Dance-avond, 1.500 bezoekers, 18 tot 30 jaar, alcohol en drugs, tot 02:00 uur. De vuistregel zegt 2, maar de verzwarende factoren maken dat de GHOR een maatadvies geeft. Reken op inzet van Evenementen Eerste Hulp aangevuld met minimaal Basiszorg of Spoedzorg, een afkoelruimte, en een EZO Medisch. Daarmee is een zorgplan verplicht, inclusief MME en ketenafspraken met de ambulancedienst. Het aantal zorgverleners kan op vier tot zes uitkomen, met een heel andere samenstelling dan bij de braderie.
Zelfde bezoekersaantal, ander evenement, andere zorg. Dat is de kern.
Wat de GHOR wil zien
De GHOR beoordeelt niet of je genoeg EHBO'ers hebt, maar of de zorg past bij het risico dat je zelf in je plan hebt beschreven. Staat in je publieksprofiel dat je alcohol en drugs verwacht, dan moet het zorghoofdstuk daarop antwoorden. Staat in je ruimtelijk profiel dat het terrein via één weg bereikbaar is, dan wil de GHOR weten hoe de ambulance het terrein op komt. De rode draad uit het veiligheidsplan (profiel, risico, maatregel) loopt dus door tot in de zorgparagraaf.
In Eventveiligheid is medische zorg een vast hoofdstuk van het veiligheidsplan. Het aantal zorgverleners, de zorgniveaus, de locatie van de post en de afspraken met de zorgketen worden vastgelegd in dezelfde opbouw als de Veldnorm, zodat de GHOR direct ziet waar de onderbouwing staat.
Bronnen
- Veldnorm Evenementenzorg, versie 1.1, projectgroep VNEZ, evenementenz.org
- Evenementenbeleid gemeente Hoorn (GHOR-richtlijn 1 EHBO'er per 1.000 bezoekers, minimum 2), lokaleregelgeving.overheid.nl/CVDR620575
- Veiligheidsregio Twente, Geneeskundige zorg bij evenementen, evenementen.vrtwente.nl

